Spelend leren

Met Mijn Speellokaal oefenen uw leerlingen zelfstandig met o.a. rekenen, taal, lezen, geschiedenis en aardrijkskunde. En niet alleen op school, maar ook thuis kunnen ze aan de gang. Want Mijn Speellokaal werkt online. U kunt zelf bepalen welke spellen er door welke leerlingen kunnen worden gespeeld. Het ingebouwde leerlingvolgsysteem houdt de prestaties van uw leerlingen in een overzichtelijk schema bij.
Naast de spellen die op de computer (of tablet) gespeeld kunnen worden is er ook extra werkmateriaal. Zo zijn er bijvoorbeeld voor topografie oefen- en toetsbladen met up-to-date topokaarten.

Spelen op eigen niveau

Elke leerling kan op zijn of haar eigen niveau oefenen. Daarnaast kunnen leerlingen educatieve spellen spelen om hun kennis uit te breiden. Op het gebied van spelling biedt Mijn Speellokaal een compleet oefenprogramma met alle bekende spellingafspraken aan. Het is echter ook mogelijk om woordenlijsten vanuit de eigen methode in te voeren en de kinderen daarmee te laten oefenen. Dit kan in de meeste Nederlandse en Engelse spellingspellen.

Hoe werkt het?

Leerkrachten kunnen voor hun eigen groep(en) spellen klaar zetten en kunnen daarbij ook voor elke leerling of voor een groepje leerlingen extra spellen aan- of uitzetten. Elke leerling krijgt een eigen inlogaccount. Zo kunnen zij vanaf elke plek, op school, thuis, bij opa en oma, eenvoudig inloggen. Een leerling ziet enkel de spellen die voor hem/haar zijn klaargezet. Als een leerling een spel goed afrondt, dan krijgt hij/zij als beloning een stukje kaas. Deze stukjes kaas kunnen op ‘Schateiland’ worden ingeleverd in ruil voor het spelen van een eigen gekozen spelletje.
De leerkracht kan ook per groep en per leerling zien welke spellen er zijn gespeeld en hoe dit is gedaan. Voor meer informatie over de werking van Mijn Speellokaal kunt u hier documenten downloaden:
Uitleg admin omgeving
Uitleg leerkracht omgeving

Techniek

Om gebruik te maken van Mijn Speellokaal heeft u alleen een internetverbinding en een browser nodig. Voor het spelen van de spellen op een PC vereist dit minimaal een browser van Chrome, Firefox of Internet Explorer 9 of hoger. Voor het spelen van de spellen op een tablet is het noodzakelijk om uw tablet altijd te voorzien van de laatste updates. Op een Android tablet raden wij het gebruik van een recente Chrome of Firefox browser aan. Om de spellen zo prettig mogelijk te kunnen spelen wordt een 10” tablet aanbevolen. De omgevingen voor de leerkracht en de beheerder zijn zowel op de PC als op de tablet te raadplegen.

U kunt zeer eenvoudig leerling- en leerkrachtaccounts aanmaken als u over een EdeXML bestand beschikt. Raadpleeg hiervoor uw administratiesysteem. Heeft uw administratiesysteem wel Edex, maar geen EdeXML? Geen probleem, dat kunnen wij kosteloos voor u converteren.

Prijzen
t/m 3 leerlingen €  50,-  
t/m 10 leerlingen € 125,-  
t/m 50 leerlingen € 250,-  
van 51 t/m 100 leerlingen € 275,-  
van 101 t/m 150 leerlingen € 300,-  
Voor iedere volgende 50 leerlingen €  25,- extra  


Alle prijzen zijn inclusief BTW.

Actueel

Parkeerplaats

13-10-2016

HefbomenAardrijkskunde is meer dan topografie. Welk land staat bekend om zijn stokbrood? In welke stad staat de Domtoren? En welk werelddeel is het koudst van allemaal? In het spel Parkeerplaats komen al deze vragen langs. Er zijn drie versies: Nederland, Landen & Werelddelen en Steden wereldwijd. 

Hefbomen

22-03-2016

HefbomenOveral om ons heen zijn hefbomen. Ook diverse voorwerpen die we regelmatig in onze handen hebben, zijn in feite hefbomen. Denk maar aan een schaar, een pincet of een tang. Maar waar oefen je eigenlijk de kracht uit om een bepaalde last op te tillen, los te draaien, enz.? En als we op zoek gaan naar de kracht en de last, waar zit het draaipunt dan? Met het spel Hefboom worden deze drie: kracht, last en draaipunt, bij verschillende voorwerpen geoefend.

Topografie Wereld

25-01-2016

Wereld-Waar Ligt het?Na de topografie van Nederland en Europa, stond de wereld natuurlijk op onze verlanglijst.  Onder het nieuwe spel "Wereld - Waar ligt het?" zijn 2 varianten "Wereld" te vinden, waarin de werelddelen, de oceanen en grote belangrijke steden/gebieden worden geoefend. Daarnaast zijn er ook twee varianten van "Australië & Nieuw-Zeeland". Andere (delen van) werelddelen zullen nog volgen.

Poezenjacht!

17-12-2015

PoezenjachtHebben de kinderen genoeg stukken kaas verdiend? Dan is er vanaf nu nog een extra spel op Schateiland te spelen, namelijk Poezenjacht. Het spel werkt volgens het mijnenveger-principe.

Honingraat - getallen

09-12-2015

Volle kofferNog een honingraat-spel waarvan de eerste levels al geschikt zijn voor de jongste leerlingen: getallen. Het begint met de getallen 1 t/m 10 en het wordt steeds moeilijker tot een level met getallen zoals 68, 86, 89, 98, 67, 76, 79, 97, 69 en 96.

Spelling

In Mijn Speellokaal zit een compleet spellingaanbod. Alle gangbare afspraken hebben een plek gekregen binnen dit aanbod en bij de verschillende afspraken zijn ruim voldoende oefenwoorden op diverse niveaus. Om de woorden van deze afspraken in te slijpen zijn er veel spellen gemaakt, die afwisselend in hun verwerkingsvorm zijn.

De meeste spellingspellen kunnen ook worden gespeeld met eigen woordenlijsten.

Alfabetlat

De leerling moet de gevraagde woorden maken door op latten met het alfabet de juiste letters aan te klikken.
Dit spel is geschikt voor eigen woordenlijsten, met uitzondering van lijsten waar woorden met leestekens en hoofdletters in staan.

Appels plukken

Steeds komt er één woord in beeld. Door in de goede volgorde op de appels (met letters) te klikken kunnen leerlingen het juiste woord in beeld krijgen.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Het Ballonnenspel

Er hangen verschillende ballonnen in de lucht met letters erin. Op een hek staat een woord, door de juiste ballonnen aan het hek vast te zetten kunnen leerlingen het woord spellen.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Kaartje sturen

Steeds is er een kaartje zichtbaar met een woord erop. Het kaartje is tot de helft in een envelop geschoven, waardoor alleen de bovenkant van het woord te zien is. Het woord moet juist worden overgetypt. Als hulp staan alle woorden die langs (zullen) komen in een lijst voor de leerlingen.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Memory

Principe memory: Welke 2 stenen horen bij elkaar?

Niet voor de Poes

Principe: galgje. Een leerling heeft steeds 5 beurten om een woord te raden. Dit spel is het meest geschikt als leerlingen zicht hebben op de woorden die in die periode ook in de klas aan bod komen.
Het spel werkt alleen met eigen woordenlijsten.

Schuttingtaal

Er staan 4 woorden op een schutting geschreven, maar één woord is fout. De leerling moet het foute woord aanklikken en vervolgens het woord goed intikken.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Speel de woorden weg

Leerlingen krijgen een veld met 15 blokken met woorden erop. Als ze een blok aanklikken verdwijnt het woord op dat blok en moeten ze datzelfde woord goed intikken.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Stickerboek

De leerlingen zien steeds 10 woorden. Als ze op een woord klikken verdwijnt het woord en moeten ze het woord goed intypen. Als ze het goed doen krijgen ze een sticker. Als ze het fout doen krijgen ze het juist gespelde woord in beeld, naast hun fout gespelde woord.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Telefoonboek

Op de telefoontoetsen staan steeds 15 verschillende letters, met deze letters kan de leerling minimaal één woord typen dat in het telefoonboek geschreven staat.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Vliegend woord

In Vliegend Woord komt Lucius op allerlei manieren voorbij vliegen (vliegtuig, vlieger, luchtballon, etc.) Op het object dat voorbij komt vliegen staat een woord dat overgetypt moet worden.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Welke mist?

Leerlingen zien vijf woorden staan. Langs een raampje komen vier van de vijf woorden langs. De leerling moet het ontbrekende woord invullen. Zodra de leerling het ontbrekende woord gaat invullen verdwijnen de vijf woorden. Leerlingen moeten dus ook eerst goed kijken naar de spellingswijze van het woord.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Werkwoordspelling - Regenboog kleuren

Leerlingen gaan aan de slag met 7 werkwoorden (per niveau). Ze moeten een werkwoordschema van elk werkwoord invullen en verschillende zinnetjes moeten worden ingevuld. Een leerling kan het spel alleen uitspelen door alles goed te doen, bij een fout antwoord moet dit worden verbeterd.

Woordzoeker

Alle woorden uit de woordenlijst moeten in de woordzoeker gevonden worden.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Taal

In het ‘Zuidertaalgebied’ kunnen kinderen hun woordenschat vergroten. In de toekomst komen er ook spellen waarbij onderdelen geoefend worden zoals het werken met interpunctie, enz.

Memory

Principe memory: welke 2 stenen horen bij elkaar?
Goed voor het oefenen van tegenstellingen.

Puzzelpad

In Puzzelpad wordt eerst een verhaal verteld. Hierin zitten 20 woorden die deels ook voorkomen in de WAK (Woordenlijst Amsterdamse Kinderen). Deze 20 woorden worden uitgelegd en daarna worden er met deze woorden 8 verschillende spelletjes gespeeld. Door het vele herhalen leren leerlingen de betekenis van de woorden en vergroten zij hun woordenschat.

Lezen

Extra begeleiding bij technisch lezen is belangrijk, maar vergt vaak veel tijd. Daarom zijn er spellen waarbij leerlingen ook via de computer begeleid kunnen worden op het gebied van technisch lezen. Deze spellen bevatten elementen die o.a. gebruikt worden bij het Connect-lezen, zoals voorlezen en herhaald lezen. 

Onderdelen van begrijpend lezen, zoals het kunnen werken met verwijswoorden en het in logische volgorde zetten van een verhaal, hebben ook al een plek gekregen in het ‘Middenleesgebied’. Er komen nog uitbreidingen, o.a. verhalen met vragen die direct terug te vinden zijn in de tekst of die een beroep doen op het leggen van logische verbanden.

1-2-3-lezen

Een kort verhaal wordt meerdere keren voorgelezen, er kan worden meegelezen en als laatste lezen de kinderen zelf de tekst in hun eigen tempo. Deze werkwijze wordt voor een deel ook gebruikt bij het zgn. RALFI-lezen. Door gebruik te maken van 1-2-3-lezen wordt een gedeelte van het voorlezen, koorlezen en zelf lezen door de computer overgenomen. De verhalen zijn ook te downloaden onder downloads. In 1-2-3 lezen is daarnaast een stukje woordenschat toegevoegd. Acht woorden worden uitgelegd en er worden 2 spelletjes mee gedaan. De nummers voor de verhalen geven de moeilijkheidsgraad (eerste getal) en het kwartaal (tweede getal) aan. Als het tweede getal een 4 is, zijn er bijvoorbeeld ook verhalen over de lente of het einde van het schooljaar. (Als een kind bij niveau 10 is, dan is het spel uitgespeeld. Met gehaald wordt aangegeven hoe vaak de laatste tekst zelf is gelezen)

1,2,3,4 Klik!

De leerling moet 4 zinnetjes, die in een verkeerde volgorde staan, in de juiste volgorde zetten, zodat er een goed en logisch verhaaltje ontstaat. Als ze het fout doen kom het juiste antwoord in beeld en wordt het verhaaltje ook nog voorgelezen.

Alle deuren open

Met dit spel wordt er geoefend met verwijswoorden. Een leerling leest eerst een verhaaltje van circa 3 zinnen en de vraag 'wie/wat is hij/zij/het/etc.?' Er zijn 4 mogelijke antwoorden gegeven. Als de leerling een fout antwoord geeft krijgt hij/zij een hint voor de volgende keer.

Flitsmuis

Met Flitsmuis kan worden geoefend in het vlot lezen van woorden. Een leerling moet proberen zoveel mogelijk woorden snel te herkennen. Iedere keer komt er een woord in beeld. Zodra het woord wegdraait verschijnen er 4 woorden, die allemaal op elkaar lijken (bijvoorbeeld: vonk, volk, vlok en vork). Eén van de woorden was het woord dat de leerling eerder zag. Dat woord moet worden aangeklikt.

Honingraat

Leerlingen horen een klank en moeten uit verschillende klanken de juiste kiezen. Bij het laagste niveau komen de klanken zoals i, k, p, s aan bod. Bij het hoogste niveau komen de moeilijkste klanken aan bod (zoals ch, au, etc.).

Klankrivier

Leerlingen horen een klank en moeten uit 2, 3, 4 of 5 klanken de juiste kiezen. Bij het laagste niveau komen de klanken zoals i, k, p, s aan bod met steeds slechts 2 mogelijke antwoorden. Bij het hoogste niveau komen de moeilijkste klanken aan bod (zoals ch, au, etc.) met steeds 5 mogelijke antwoorden.

Koptelefoon

Een leerling hoort een woord en ziet vier woorden staan. Het woord dat de leerling hoort moet worden aangeklikt.

Samen-lees-trein

Een compleet verhaal wordt in 3 stukken van elk drie sessies aangeboden aan een leerling. In elk stuk zit een gedeelte voorlezen, een gedeelte samenlezen, een gedeelte woordenschat en een stukje inoefening van een aantal woorden aan de hand van wat spelletjes. Deze werkwijze wordt voor een deel ook gebruikt bij het zgn. Connect-lezen. Door gebruik te maken van de Samen-lees-trein wordt een gedeelte van het voorlezen, koorlezen, het uitleggen van woorden en het spelen en oefenen met woorden uit de tekst door de computer overgenomen. De nummers voor de verhalen geven de volgorde van moeilijkheidsgraad aan.

Engels

Voor de hogere groepen hebben we ook Engelse spellen. Er zijn zowel spellen die zich richten op de betekenis van woorden als op de schrijfwijze. Voor de spellen die gericht zijn op de schrijfwijze is er vaak de mogelijkheid om met eigen woordenlijsten te werken.

Alfabetlat

De leerling moet de gevraagde woorden maken door op latten met het alfabet de juiste letters aan te klikken.
Dit spel is geschikt voor eigen woordenlijsten, met uitzondering van lijsten waar woorden met leestekens en hoofdletters in staan.

Appels Plukken

Steeds komt er één woord in beeld. Door in de goede volgorde op de appels (met letters) te klikken kunnen leerlingen het juiste woord in beeld krijgen.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Find it!

Leerlingen krijgen een zoekplaatje en een aantal items die in het Engels omschreven zijn. Deze items moeten de leerlingen in het plaatje opzoeken. De items worden in willekeurige volgorde aangeboden. Hierdoor is enkel onthouden van een plek niet voldoende, maar moet toch nagedacht worden welke betekenis het woord ook al weer heeft.

Het Ballonnenspel

Er hangen verschillende ballonnen in de lucht met letters erin. Op een hek staat een woord, door de juiste ballonnen aan het hek vast te zetten kunnen leerlingen het woord spellen.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Kaartje sturen

Steeds is er een kaartje zichtbaar met een woord erop. Het kaartje is tot de helft in een envelop geschoven, waardoor alleen de bovenkant van het woord te zien is. Het woord moet juist worden overgetypt. Als hulp staan alle woorden die langs (zullen) komen in een lijst voor de leerlingen.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Memory

Principe memory: welke 2 stenen horen bij elkaar?

Niet voor de poes

Principe: galgje. Een leerling heeft steeds 5 beurten om een woord te raden.
Het spel werkt alleen met eigen woordenlijsten.

Speel de woorden weg

Leerlingen krijgen een veld met 15 blokken met woorden erop. Als ze een blok aanklikken verdwijnt het woord op dat blok en moeten ze datzelfde woord goed intikken.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Woordzoeker

Alle woorden uit de woordenlijst moeten in de woordzoeker gevonden worden.
Het spel kan ook met de eigen woordenlijst worden gespeeld.

Rekenen

Automatisering is een belangrijk onderdeel bij rekenen. Uiteraard zijn daar dus spellen voor te vinden in Mijn Speellokaal. Maar ook klokkijken en coördinaat-opdrachten komen aan bod, evenals een stukje voorbereiding op de methodeonafhankelijke toetsen in een spel met verhaaltjessommen.

Blokkade

In een vierkant van 9x9 staan getallen. Deze getallen kunnen verplaatst worden. Ze moeten zo worden verplaatst dat 3 getallen naast elkaar opgeteld gelijk is aan het getal ernaast. En 3 getallen onder elkaar opgeteld gelijk is aan het getal eronder. Als een leerling 5 puzzels achter elkaar goed maakt gaat hij door naar een volgend level en worden de puzzels een klein beetje moeilijker.

Cijferballonnen

In Cijferballonnen oefenen de leerlingen met de cijfers 1 t/m 100. Dit doen ze door ballonnen in de goede volgorde te plaatsen. In het eerste niveau alleen met de ballonnen 1 t/m 10, pas als ze alles foutloos doen gaan ze naar een volgend niveau. Mochten ze in een niveau erg veel fouten maken dan vallen ze automatisch een niveau terug. Bij een paar fout blijven ze in het zelfde niveau zitten.

Honingraat

Leerlingen horen een getal en moeten uit verschillende getallen de juiste kiezen. Het laagste level begint natuurlijk bij 1 t/m 10. Het één na laatste level is 68, 86, 89, 98, 67, 76, 79, 97, 69 en 96. Bij het laatste level worden de moeilijkste levels willekeurig aangeboden, zodat de verschillende moeilijkere getallen geoefend kunnen blijven worden en niet steeds hetzelfde spel wordt gespeeld.

Huisje bouwen

Bij 'Huisje bouwen' moet de leerling 11 x 10 rekensommen oplossen. Als de leerling 10 x 10 goede antwoorden heeft gegeven gaat hij/zij automatisch naar een volgend niveau.

Kassabon

Op een kassabon is het bedrag dat terugbetaald moet worden aan de klant niet zichtbaar. De leerlingen moeten uitrekenen hoeveel de klant terug moet krijgen. Dit moet met zo min mogelijk muntjes/briefjes gebeuren.

Kraak de kluis

In Kraak de kluis moet een leerling vijf kluizen openen door deelsommen op te lossen. Per kluis moet een reeks sommen worden opgelost, de kluis gaat open als alle sommen goed waren. De eerste vier kluizen moeten in maximaal 6 pogingen open zijn. De laatste kluis is slechts één som, maar wel binnen 30 seconden en slechts 1 kans. Als de leerling alle kluizen opent gaat hij automatisch naar een volgend niveau.

Machineklok

Leerlingen moeten tussen vier uitgeschreven tijden de juiste tijd vinden die past bij de analoge klok. Ze moeten 14 van de 16 vragen goed hebben om een stukje kaas te verdienen.

Memory

Principe memory: welke 2 stenen horen bij elkaar?

Rekenplaneten

In het spel Rekenplaneten wordt iedere keer geoefend met één tafel. Binnen 5 minuten moet de leerlingen 50 sommen goed maken. De sommen die de leerling fout doet, komen later in het spel weer terug.

Rekenrace

Rekenrace is een spel waarbij de leerling in 80 seconden 27 rekensommen moet oplossen. Als de leerling minimaal 23 goede antwoorden geeft gaat hij/zij automatisch naar een volgend niveau. Bij alle sommen goed wordt er een niveau overgeslagen, maar bij meer dan 10 fout gaat de leerling 1 of meer niveaus naar beneden.

Routeplanner

Leerlingen moeten een route afleggen op de kaart. Deze route, inclusief het startpunt, staat onder de kaart met pijlen aangegeven (elke pijl moet op een wegdeel komen). De leerling klikt in de kaart op het plaatje waar Lucius uiteindelijk uitkomt. Bij een fout antwoord wordt de juiste route op de kaart getoond.

Straatje leggen

Bij Straatje leggen moet de leerling 50 stenen neerleggen, dit doet hij/zij door rekensommen te maken, voor elke goede som wordt er een steentje gelegd. Als de leerling minder dan 5 fouten maakt gaat hij/zij automatisch naar een volgend niveau. Als de leerling meer dan 10 fouten maakt valt de leerling een niveau terug.

Volle koffer

In dit spel zitten 41 levels. De eerste spellen zijn eenvoudiger dan de laatste. Een leerling moet minimaal 13 van de 15 opgaven goed beantwoorden om naar het volgende level te gaan. Bij een fout antwoord wordt een hint gegeven. Die hint kan helpen als de leerling het spel opnieuw speelt. Bij het 41ste level komen er sommen willekeurig uit de laatste acht levels. Bij meer dan 5 fout gaat een leerling één of meerdere levels naar beneden.

Aardrijkskunde

Momenteel kunnen uw leerlingen heel Nederland en heel Europa oefenen. Voor de Wereldtopografie zit er momenteel nog maar een deel in, maar dit zal in de nabije toekomst wel worden uitgebreid.

Europa - Waar ligt het?

Plaatsnamen en namen van wateren en bijzondere plekken/gebieden moeten op de juiste plek worden gezet.

Memory

Principe memory: Welke 2 stenen horen bij elkaar?

Nederland - Waar ligt het?

Plaatsnamen en namen van wateren en bijzondere plekken/gebieden moeten op de juiste plek worden gezet.

Parkeerplaats

De leerling moet iedere keer een auto naar de juiste parkeerplaats sturen (bij Nederland moet gekozen worden uit drie provincies, bij steden uit drie steden, bij landen uit drie landen). De auto die in beeld is, heeft een korte omschrijving, bijvoorbeeld: 'Pampus'. Daarnaast is er ook een langere omschrijving in beeld die de leerling mogelijk verder kan helpen. Voorbeeld 'Pampus is een forteiland in het IJmeer'. Wordt er fout gekozen dan volgt een nieuwe omschrijving. Bij de lagere niveau's altijd eentje met daarin het antwoord verwerkt. Bij de hogere niveau's soms alleen een duidelijkere hint. Daarna moet de auto opnieuw naar de juiste parkeerplaats worden gestuurd.

Wereld - Waar ligt het?

Plaatsnamen, namen van wateren en bijzondere plekken/gebieden moeten op de juiste plek worden gezet.

Geschiedenis

In de geschiedenisspellen zult u het nodige terugvinden van hetgeen u ook met uw leerlingen in de klas al behandelt. Maar er is meer! Leerlingen kunnen hun kennis door het spelen van de spellen goed uitbreiden. De meeste geschiedenisspellen geven de leerlingen namelijk de kans om aan het begin of tijdens het spel informatie via woord, beeld of geluid te verzamelen.

Kennistopper

Een leerling heeft de beschikking over een bronnenboek. Hij heeft zelf daarbij de keuze wel/niet deze door te nemen. Om kaas te winnen moet een leerling 15 vragen achter elkaar goed beantwoorden. Bij een fout antwoord wordt hij verwezen naar een stuk tekst in het bronnenboek waar het antwoord terug te vinden is en moet hij opnieuw beginnen. Na 15 goede antwoorden gaat hij automatisch naar een volgend niveau. Er zijn 5 niveaus.

Memory

Principe memory: Welke 2 stenen horen bij elkaar?

Prikbord prikken

Een leerling krijgt twintig keer een kaartje te zien. De leerling moet kiezen op welk prikbord het kaartje thuis hoort. De spellen zijn onderverdeeld in de tien tijdvakken. Van elk tijdvak zijn er twee spellen.

Tegelvloer

In dit spel kunnen leerlingen heel veel over een bepaalde tijdvak in de geschiedenis leren. Er worden stukken tekst voorgelezen met daarbij mogelijke vragen die over de tekst gevraagd zouden kunnen worden. Per sub onderwerp kan een oefentoets worden gemaakt. Daarnaast zijn er verschillende eindtoetsen die over alle sub onderwerpen in dat spel gaan. Door toetsen te halen spelen leerlingen tegelvloeren weg en komt er een afbeelding zichtbaar die met het tijdvak te maken heeft.

Wist je dat?

Bij o.a. geschiedenis is het fijn als leerlingen nog eens goed in de stof kunnen duiken die ze (voor een deel) ook in de klas aangeboden hebben gekregen. Zo kunnen ze herhalen en verdiepen! In het spel Wist je dat? kunnen leerlingen op verschillende manieren informatie verzamelen via beeld, film, tekst, geluid.... Als ze alles hebben onderzocht, moeten ze vragen over het onderwerp beantwoorden. Er komen 10 willekeurige vragen over het onderwerp. Alle 10 de vragen moeten goed beantwoord worden. Als een leerling het spel 5 keer goed heeft afgerond zijn alle vragen aan bod geweest.

Biologie / Natuurkunde

Voor biologie en natuurkunde hebben we voornamelijk spellen die de kennis uitbreiden. De spellen richten zich vooral op flora en fauna. Maar er liggen ook ideeën klaar voor bijvoorbeeld het mengen van kleuren.

Hefboom

Kinderen moeten aangeven waar de last, de kracht en het draaipunt zitten van verschillende gebruiksvoorwerpen. Het begint bij voorwerpen zoals een schaar en een tangetje. In de laatste levels komen ook een passer, perforator en een hengel aan bod.

Memory

Principe memory: Welke 2 stenen horen bij elkaar?

Visvijver

Leerlingen krijgen steeds 1 vis te zien. Deze moeten ze in de juiste vijver plaatsen. Als ze 12 van 15 vissen in de juiste vijver hebben geplaatst winnen ze het spel.

Wist je dat?

'Wist je dat?' is een spel waarbij de kennis van leerlingen wordt uitgebreid. Door in een collage op plaatjes te klikken kunnen leerlingen informatie bekijken via filmpjes, teksten, foto's etc. Als ze alles hebben onderzocht, moeten ze vragen over het onderwerp beantwoorden. Er komen 10 willekeurige vragen over het onderwerp. Alle 10 de vragen moeten goed beantwoord worden. Een leerling moet het spel 5 keer goed hebben afgerond voordat alle vragen aan bod zijn geweest.

Verkeer

Je kan niet vroeg genoeg beginnen met veiligheid in het verkeer: de eerste spellen staan klaar en ideeën voor volgende spellen zijn er al.

Een bord vol

In het spel 'een bord vol' wordt een omschrijving van een verkeersbord gegeven. Het is aan de leerling om te bedenken welke van de 4 verkeersborden die te zien zijn, bij de omschrijving hoort. In totaal zijn er 15 omschrijvingen, bij een fout antwoord komt de omschrijving later in het spel weer terug.
Na 15 goede antwoorden is er nog één laatste vraag. Op de achtergrond wordt namelijk een bord opgebouwd. Bij elk goede antwoord wordt dat bord verder opgebouwd. De laatste vraag is wat dat bord betekent.

Memory

Principe memory: Welke 2 stenen horen bij elkaar?

Pas op!

Er komen 15 borden langs met steeds 4 mogelijke antwoorden. Als een leerling een fout antwoord geeft zal dit bord aan het einde van het spel nog eens langs komen.

Ontdekken

Ontdek-eiland ligt apart op de wereldkaart. Op dit eiland valt veel te ontdekken voor onder andere de kleuters. In de toekomst komen hier nog spellen bij rond de visuele, ruimtelijke en auditieve ontwikkeling. Deze onderdelen zullen ook terug te vinden zijn in thema's die een plek krijgen op dit eiland.

Boemeltreintje

Met het spel Boemeltreintje wordt geoefend met kleurschakeringen. De kinderen moeten plaatjes van licht naar donker en van donker naar licht op een trein plaatsen.
Er zijn verschillende thema's bij dit spel. Bij bijvoorbeeld het thema getallen horen de kinderen eerst het getal en de kleur die het getal heeft. Zo horen ze zowel de juiste kleur als het juiste getal.

Cijferballonnen

In Cijferballonnen oefenen de kleuters met de cijfers 1 t/m 20. Dit doen ze door ballonnen in de goede volgorde te plaatsen. In het eerste niveau alleen met de ballonnen 1 t/m 5, pas als ze alles foutloos doen gaan ze naar een volgend niveau. Mochten ze in een niveau erg veel fouten maken dan vallen ze automatisch een niveau terug. Bij een paar fout blijven ze in het zelfde niveau zitten.
Bij dit spel leren kleuters ook gelijk het klikken en slepen met de muis.

Cijfertekenen

De leerling moet een tekening afmaken door getallen met elkaar te verbinden. Als alle getallen in de goede volgorde zijn aangeklikt wordt er een foto van de tekening zichtbaar. Klikt de leerling op een verkeerd nummer, dan moet hij/zij opnieuw beginnen. Elk nummer dat wordt aangeklikt wordt ook uitgesproken.

Groot en klein

De leerling krijgt steeds de vraag welk plaatje het grootst of het kleinst is. Er wordt ook genoemd wat er op een plaatje staat. Zo leren ze gelijk bijvoorbeeld verschillende soorten fruit of vormen. Er zijn 6 niveaus: niveau 1 en 2 hebben 3 plaatjes, niveau 3 en 4 hebben 4 plaatjes en niveau 5 en 6 hebben 5 plaatjes. Iedere keer hebben dus twee niveaus hetzelfde aantal plaatjes. Het verschil in moeilijkheid bij die twee niveaus wordt gevormd door het onderlinge verschil in grootte tussen de plaatjes. Als een leerling nul of één fout heeft gaat hij/zij automatisch door naar een volgend niveau. Bij meer dan vier fouten valt een leerling een niveau terug.

Wat hoort bij wat?

Er liggen 18 kaartjes open. De leerling moet steeds twee kaartjes aanklikken die bij elkaar horen. Als de leerling over een kaartje heen gaat wordt er verteld wat er op het kaartje te zien is.
Dit spel werkt met thema's. De thema's die we momenteel hebben zijn: winter, lente, zomer en herfst.

Schateiland

Voor alle spellen die een leerling goed genoeg speelt krijgt hij/zij een stukje kaas (of in sommige gevallen meerdere kaasjes). Deze kaasjes kunnen worden gebruikt op Schateiland. Op en om Schateiland liggen spellen die gespeeld kunnen worden in ruil voor de verdiende kaasjes. In deze spellen zit vaak een inzichtelijk of taalkundig aspect.

Ballonnen schieten

Alle ballonnen moeten kapot geschoten worden. Om te richten moet het kanon gedraaid worden.

Blokjes ruimen

Er moeten zoveel mogelijk blokjes worden weggespeeld. Blokjes die elkaar raken van het zelfde soort kunnen weggeklikt worden. Hoe groter het vlak met dezelfde blokjes, hoe meer punten gehaald kunnen worden.

Combi Cakes

Binnen 5 minuten moeten er zoveel mogelijk combinaties gemaakt worden van minimaal drie cupcakes. Dit kan door twee cupcakes naast of boven elkaar te wisselen.

Letterdoolhof

Boven in beeld komt een aanwijzing te staan. De leerling moet het goede woord samenstellen met de letters uit het doolhof.

Poezenjacht

Principe: mijnenveger. Hier liggen er geen gevaarlijke mijnen op de grond, maar er liggen poezen op de loer...

Uitschakeling

Principe: galgje. Een leerling heeft steeds 8 beurten om een woord te raden.

Tools

Naast de spellen die de leerlingen individueel kunnen spelen zijn er ook tools die in de klas gebruikt kunnen worden. Er zijn zowel tools die gericht zijn op oefenen in de klas als op de organisatie in de klas. 

Klokkijken analoog

Analoog klokkijken met de hele groep? Kies onderaan het juiste niveau. Door op de knop 'volgende' te klikken komt steeds een andere tijd in beeld.

Klokkijken digitaal

Digitaal klokkijken met de hele groep? Kies onderaan het juiste niveau. Door op de knop 'volgende' te klikken komt steeds een andere tijd in beeld.

Timer

Met de timer kunt u uw leerlingen, zowel digitaal als analoog, duidelijk laten zien hoeveel tijd ze nog hebben voor een opdracht. U kunt de timer instellen op elk gewenst aantal minuten en/of seconden.

Verkeerslicht

Leerlingen zien aan de kleur van het verkeerslicht welke afspraak op dat moment geldt: stil zelf werken, zachtjes overleggen met een medeleerling, hulp krijgen van de leerkracht die rond loopt. Door op een bepaald rondje te klikken licht desbetreffende kleur op.
Contact

Heeft u een vraag? U kunt onderstaande formulieren gebruiken om contact met ons op te nemen. Ook kunt u ons altijd een e-mail sturen naar info@mijnspeellokaal.nl. Wij zullen uw vraag zo spoedig mogelijk beantwoorden.

Wilt u een proefaccount aanvragen? Dat kan, u krijgt van ons dan een toegangscode en extra informatie om u op weg te helpen. Met een proefaccount krijgt u toegang tot alle onderdelen van Mijn Speellokaal, inclusief 500 leerlinglicenties, zodat u ons product zo goed mogelijk kunt uitproberen. Eventueel kunt u bij extra opmerkingen opgeven hoeveel leerlingen op uw school zitten, dan houden we hier met het aanmaken van een proefaccount rekening mee. Na de proefperiode kunt u ervoor kiezen om uw account over te zetten in een volledige licentie of te laten verlopen. Voor een proefaccount brengen wij geen kosten in rekening. 

Proefaccount aanvragen
Stel een vraag